Loading
Even geduld a.u.b. het magazine wordt geladen...

Onder het veilige dak van een pleeggezin en gezinshuis

Wonen doe je thuis, maar als dat echt niet kan voor een kind, is een pleeggezin of gezinshuis een goed alternatief. Het is dan wel belangrijk dat deze nieuwe woonplek aansluit bij de behoeften van het kind, zodat het zich vanuit daar zo optimaal mogelijk kan ontwikkelen. Sterk Huis biedt steeds meer maatwerk binnen de pleeggezinnen en gezinshuizen. Door buiten de hokjes en kaders te denken, krijgt ieder kind wat het nodig heeft.

Tosca Sebus en Marieke Hagemeier delen vanuit Sterk Huis de ambitie om ieder uithuisgeplaatst kind de beste kansen te bieden. Tosca als gedragswetenschapper pleegzorg en Marieke als ambulant begeleider gezinshuizen. Vanuit een grote drijfveer om het goede voor deze kinderen te doen, zijn ze voortdurend op zoek naar oplossingen voor vaak ingewikkelde puzzels. Mét succes! Tosca en Marieke praten elkaar bij.

Meer maatwerk binnen de pleegzorg in de vorm van extra financiële ondersteuning en expertise

Tosca: “Vanuit pleegzorg hebben wij de laatste tijd veel gesprekken gevoerd met de gemeente voor maatwerkoplossingen binnen pleeggezinnen. Denk aan de mogelijkheid tot huishoudelijke hulp na een operatie van de pleegouder of het kunnen blijven begeleiden van een pleeggezin bij een tijdelijke 24/7 opname maar ook het voorkomen van een breakdown doordat pleegouders minder gaan werken en daardoor meer thuis kunn zijn en ze hier financiële (tijdelijk) gecompenseerd worden. Daarnaast zijn we flexibeler gaan kijken naar pleeggezinnen waarbij ook de ouder van het pleegkind inwoont. Eerder hadden deze pleeggezinnen geen recht op pleegzorgexpertise, terwijl ze het vaak wel nodig hebben. Een voorbeeld: opa en oma hebben hun zoon en kleinkind in huis genomen. Opa en oma doen de opvoeding van het kind, maar lopen daarbij tegen uitdagingen aan, ook omtrent de omgang met moeder. Om te voorkomen dat er later meer problemen ontstaan, is besloten deze mensen pleegzorgbegeleiding te bieden. Deze zaken werden voorheen standaard afgewezen.”

Nieuwe woonvorm voor kinderen met hechtingsproblematiek:
iets tussen een behandelgroep en gezinshuis in

Marieke: “Ook binnen de gezinshuizen zijn veel nieuwe inspanningen verricht. Ten eerste hebben we het aantal gezinshuizen flink uitgebreid, waardoor we beter in staat zijn om voor elk kind de juiste plek te vinden. Verder investeren we in een maatwerkoplossing – onder de titel ‘Sterk Thuis’ – voor kinderen die vanwege een verstoorde hechting het wonen in een gezinshuis nog te ingewikkeld vinden. Hoewel de gezinshuisouder de afstand-nabijheid-balans goed in de gaten houdt, is een gezinshuis voor sommige kinderen nog steeds te ‘warm’. Ze weten zich geen raad met de gezinsstructuur en aandacht van één opvoeder en gaan zich ertegen verzetten.”

Tosca: “Zoeken jullie naar een nieuwe formule, iets tussen een behandelgroep en gezinshuis in?”

Marieke: “Precies dat. Een nieuwe, kleinschalige woonvorm in een zo normaal mogelijke setting. Deels in een gezinshuisstijl met de bijbehorende basisveiligheid, maar dan met meer wisselingen in pedagogische ondersteuning. Zo heeft het kind met meerdere gezichten te maken, waardoor de hechtingsstoornis minder wordt aangesproken. Dit concept is nog in ontwikkeling, speciaal voor de kinderen die tussen wal en schip vallen.”

Er is altijd een antwoord

Tosca: “Het is mooi dat we steeds meer buiten de kaders en hokjes durven te denken.”

Marieke: “Zeker, we zijn daarin volop in ontwikkeling en willen voortaan per kind en gezin de mogelijkheden bekijken, ter voorkoming van verdere overplaatsingen en nog meer trauma’s. Er is altijd een antwoord, dat weet ik zeker. Zo hebben we laatst voor een mevrouw die voor haar twee nichtjes zorgt een pleegzorgtraject omgezet naar een gezinshuisbeschikking. Deze meisjes vroegen om intensieve zorg. Door de nieuwe beschikking kon deze vrouw haar baan opzeggen en als professional – aangezien ze een zorgachtergrond heeft – aan huis werken. De kinderen krijgen nu alle aandacht die ze nodig hebben.”

Erkenning en ondersteuning

Tosca: “Het is belangrijk dat pleeggezinnen en gezinshuisouders erkenning krijgen. Pleegzorg wordt nog weleens gezien als een beetje theedrinken met het pleegkind en zorgen dat het op tijd op school komt. Nou, het is veel meer dan dat. We moeten pleeggezinnen beter ondersteunen, zodat ze het volhouden. Wij willen daarom grote pleeggezinnen, met vier tot zes kinderen, meer pedagogische ondersteuning bieden aan huis. Het vraagt veel van pleegouders om alle kinderen op tijd naar de sportclub te brengen, te helpen bij hun huiswerk, ze met aandacht op bed te leggen en om ook nog eens voor alle pleegkinderen de omgangsvormen met het biologisch netwerk te regelen. Alle extra hulp is dan welkom.”

Haal de angel eruit

Marieke: “Dat is ook een belangrijke: de verbinding met het biologisch netwerk. Wij zien nog weleens dat de rol van de ouders op de achtergrond is komen te staan. Wij kijken dan hoe we de ouders weer zo snel mogelijk een positie kunnen geven. Het is belangrijk voor het kind om zo goed als mogelijk contact te hebben met de biologische familie, met name voor de eigen identiteitsontwikkeling.”

Tosca: “Of nóg beter: je hoopt dat pleeg- of gezinshuiszorg niet eens nodig is. Veel kinderen belanden in een pleeggezin. Daarna wordt pas bekeken: goh, zijn er echt geen mogelijkheden meer voor het kind om thuis te wonen? Zonde, want met die eerste uithuisplaatsing heb je vaak al een trauma te pakken. We moeten daarom sneller aan de voorkant aanwezig zijn met de juiste hulp. Eerder kregen vooral de kinderen een behandeling, maar dat is dweilen met de kraan open. Ouders hebben ook behandeling nodig. Je kan bijvoorbeeld een perspectiefonderzoek aanbieden of een therapievorm zoals NIKA, een methodiek die de patronen en de oorsprong in de ouder-kindrelatie in kaart brengt: waardoor zijn ouders zo geworden, wat triggert het kind bij de ouders? Je moet eerst de angel eruit halen, zodat ouders een eerlijke kans krijgen bij het verbeteren van de thuissituatie.”

Snel en flexibel

Marieke: “En als het thuis echt niet lukt, moeten wij de snelheid en flexibiliteit hebben om naar andere geschikte oplossingen te zoeken. Soms heeft een kind al veel te veel meegemaakt, zoals laatst een elfjarig meisje dat vanwege hechtingsproblematiek al vijf keer in een ander pleeggezin en uiteindelijk in een gezinshuis terechtkwam. Een ingewikkelde plaatsing, omdat het meisje veel nabijheid, sturing en begeleiding nodig heeft. Ze heeft in de basis al veel meegemaakt en blijkt na recent onderzoek ook nog LVB-problematiek (een licht verstandelijke beperking) met zich mee te dragen.

Binnen de officiële boekjes zou dit kind niet binnen het gezinshuis kunnen opgroeien en doorgeplaatst moeten worden naar bijvoorbeeld Amarant. Maar dan wordt het overplaatsing nummer tig. Daarom hebben we voor een andere oplossing gekozen. De gezinshuisvader heeft zijn baan opgezegd en biedt het meisje nu – vanuit een dienstovereenkomst met Sterk Huis – een-op-een-begeleiding aan.”

Tosca: “Ik heb ook nog een mooi voorbeeld, wat voor mij de start is geweest voor het breder denken: een pleeggezin, bestaande uit opa en oma die voor hun kleinkind zorgen. Hieromheen liepen veel rechtszaken. De ouders wilden het kind terughalen naar huis, omdat het volgens hen niet goed ging in het pleeggezin: opa en oma kregen forse beschuldigingen. Daarnaast eisten de ouders dat hun kind tijdelijk opgenomen moest worden voor verdere diagnostisering. Dit wilden wij pertinent niet, omdat het kind dan weer een overplaatsing zou doormaken. Omdat er toch iets moest gebeuren, hebben we besloten het kind en opa en oma samen op te nemen bij Sterk Huis, om het leven van het kind zo normaal mogelijk te laten doorlopen. Dit heeft heel positief uitgepakt. We kregen een goed beeld van alle situaties. Het kind woont nu weer ‘thuis’ bij opa en oma en de situatie is voor iedereen dragelijker geworden.”

We bewegen eindelijk een andere kant op

Marieke: “Er is altijd wel een oplossing te bedenken. Ik krijg daar ontzettend veel energie van. Ieder kind heeft onvoorwaardelijkheid nodig. Daarom moeten we elkaar opzoeken, samenwerken en een kring om het kind heen vormen.”

Tosca: “We staan samen voor veel uitdagingen, maar zolang je met iets opbouwends bezig bent, is dat niet erg. Zo voelt dat nu: we bewegen eindelijk een andere kant op met elkaar.”


5/7
1. Start
2. Een veilige plek voor ieder kind
3. Wat verandert er aan de voorkant?
4. Wat als het echt niet anders kan
5. Onder het veilige dak van een pleeggezin en gezinshuis 
6. Verklarende Analyse maakt verdere beweging richting nul
7. Versterk elkaar